Verschillende soorten stoffen deel 1

Textiel

Er zijn twee soorten textiel: natuurlijke en synthetische.
Een stof begint bij de vezel, waarvan een draad wordt gesponnen, die vervolgens weer tot slof wordt geweven of gebreid.
Bij de natuurlijke vezels onderscheidt men plantaardige vezels, zoals katoen, vlas, hennep, ananas, cocos, jute, sisal, alfafa, sparta, en netel en dierlijke vezels, zoals angora (konijn), kasjmier (geit) kameel, lama, vicuna
(schaap), alpaca (schaap), wol (schaap) en zijde (rups).
Vezels kan men onderverdelen in kunstvezels (kunstmatig tot vezel verwerkte, natuurlijke materialen zoals bijvoorbeeld cellulose) en synthetische vezels (van petroleumderivaten en dergelijke vervaardigde draden).

Alpaca

Stofnaam voor een fijn dun weefsel gemaakt van het donshaar van de alpaca.
Deze behoort tot de kameelachtigen, maar ziet er uit als een schaap.
Het weefsel ondergaat diverse bewerkingen.
Het resultaat is een zachte hoogglanzende stof.
De fijne glanzende wol is zo duur dat het weefsel meestal een mengsel is van alpaca met katoen of mohair.
Het weefsel heeft een platbinding.

Angora

Stofnaam voor een weefsel gemaakt van het haar van het angorakonijn.
Door kammen of scheren is de opbrengst per konijn per jaar 200 tot 400 gram wol.
De wol is zacht: kenmerkend zijn de uitstekende witte vezels.
Het weefsel heeft een jacquardbinding.
De zachte harige wol is zo duur dat het weefsel meestal een mengsel is van angora en synthetische vezel.

Mohair

Stofnaam voor een weefsel gemaakt van de donsharen van de angorageit.
Het garen kan worden geweven of gebreid.
Een kenmerk van het garen zijn de uitstekende vezels.

Batik

Batik is een weefsel, meestal van katoen, waarop met de hand motieven in de batiktechniek zijn aangebracht.
Kenmerkend is het gemarmerde effect doordat de was waarmee de figuren worden opgebracht op sommige plaatsen barst.
De techniek: het deel dat niet gekleurd moet worden, wordt gedekt met was.
Uit een tjanting, dat is een koperen bolletje en een steel met een dun pijpje, loopt de vloeibare was, waarmee figuren aangebracht worden op de stof.
In de verfkuip nemen de met was afgedekte delen een kleurstof op.
De was wordt na het verven weggewassen.
Door herhaling van het proces en het dompelen van de stof in een verfbad met een andere kleurstof krijgt de stof meer patronen en leuren.

Batik – imitatie

In de industrie wordt batik geïmiteerd door met machines de was op meestal katoenen stof op te brengen.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.